Category: Finance

Big Tech bijna ongrijpbaar voor centrale bank

De Nederlandsche Bank (DNB) zit als toezichthouder lelijk in zijn maag met de huidige technologische ontwikkelingen en de opkomst van Big Tech in de financiële sector. Wet- en regelgeving en toezicht zijn onvoldoende toegesneden op deze veranderingen.

Dit blijkt uit het rapport ‘Innovatie en regelgeving: kansen en obstakels‘. Deze verkenning is tot stand gekomen in samenspraak met brancheorganisaties, individuele financiële instellingen en andere toezichthouders. 

Hoofdconclusie is dat het toezicht op grote bedrijven met een dominant technologieplatform zoals Amazon, Apple, Facebook, Google en Microsoft moet worden versterkt. De voortschrijdende digitalisering en platformisering zal hun rol in de financiële sector doen toenemen. En dat terwijl betrokken technologiebedrijven vaak buiten het toezichtregime vallen dat toch vooral gericht is op de traditionele financiële sector. Hierdoor worden veel risico’s aan het gezichtsveld van de centrale banken onttrokken.

Het rapport constateert dat de waardeketen van financiële producten en diensten steeds meer wordt ontvlochten en grenzen overschrijdt. Financiële diensten worden bijvoorbeeld gecombineerd met andere diensten op één platform. Zo ontstaan hybride vormen van dienstverlening, deels gereguleerd en deels ongereguleerd. 

Technologie-platforms en financiële en niet-financiële ondernemingen kunnen deel uitmaken van bredere ecosystemen. Daarbinnen bestaan weer verse partnership-relaties. Met hun datagedreven verdienmodellen kunnen Big Tech-bedrijven scherp concurreren met traditionele banken. Een ander probleem voor toezichthouders is dat alles plaatsvindt op een mondiaal speelveld.

Hybride ecosystemen

“Gepleit wordt voor een holistische en Europese aanpak”

Het rapport verwerpt het vaak gehoorde idee om wet- en regelgeving alsmede toezicht meer naar activiteiten in te richten. Voor het toezicht op financiële soliditeit wordt dit niet wenselijk geacht. Wel dienen activiteiten van Big Techs adequaat te worden gereguleerd. Gepleit wordt voor een holistische en Europese aanpak met een zwaar accent op entiteit-gerichte regels. Wellicht is zelfs een op maat gesneden aanpak van Big Tech-ondernemingen nodig. De Digital Operational Resilience Act (Dora) en de Digital Markets Act (DMA) zijn stappen in die richting.

Verder wordt een versterking van toezicht op ecosystemen wenselijk geacht. Het ontstaan van hybride ecosystemen biedt niet alleen kansen maar leidt ook tot risico’s. De huidige regelgeving weet echter geen antwoord te vinden op de risico’s die voortvloeien uit de verwevenheid tussen banken en technologiebedrijven in ecosystemen. Tot de risico’s behoren het gebruik en de beveiliging van privacygevoelige data. Evenmin is altijd even duidelijk welke partner verantwoordelijk is voor de naleving van de verschillende gedragsregels. 

Startups

Door de verwevenheid van banken en technologiebedrijven kunnen sectoroverstijgende risico’s ontstaan. Probleem is dat de toezichthouders daar onvoldoende op kunnen inspelen. Gevaren dreigen als klanten rechtstreeks financiële diensten afnemen van Big Tech. Voorbeelden zijn de Google Plex-rekeningen en peer-to-peer lening-platforms van technologiebedrijven. Het rapport noemt een hele reeks risico’s waaronder het beheersen van ict-systemen. 

Het rapport pleit voor een sterkere harmonisatie van het toezicht in Europa. Regelgeving en toezicht moeten ook voldoende proportioneel en efficiënt zijn. Onnodige regeldruk kan met name kleine innovatieve startups belemmeren. Tenslotte gaat DNB onderzoeken of meer ruimte voor experimenten kan worden geboden.

Zo wordt bekeken wordt of Maatwerk voor Innovatie valt te vernieuwen, een proeftuin voor lichter toezicht op kleinere, jonge fintech-bedrijven. In 2016 heeft DNB deze ‘regulatory sandbox’ opgericht, bedoeld om laagdrempelige toegang tot de toezichthouders te bieden voor startups en andere nieuwkomers. Belemmeringen voor innovatieve concepten zouden waar mogelijk worden weggenomen. Maar het huidige Maatwerk slaat niet aan. Het aantal toepassingen blijft beperkt.

Read More

Ook cijfers Amazon schieten de lucht in

Amazon heeft, in navolging van Apple, Alphabet en Microsoft, een verbluffend goede periode achter de rug. De omzet van de onlineretailer van oprichter Jeff Bezos, die vorige week nog een ruimtereis maakte, gaat ‘sky high’. De omzet steeg afgelopen kwartaal zo’n 27 procent ten opzichte van een jaar geleden. De nettowinst vloog met 48 procent omhoog. Het succes komt deels op conto van Amazon Web Services (AWS).

De clouddivisie AWS is goed voor ruim een zesde van de totale omzet van Amazon. Het bedrijfsonderdeel zag de omzet in het tweede kwartaal 37 procent toenemen tot bijna 15 miljard dollar terwijl het bedrijfsresultaat 25 procent groeide tot zo’n 4,2 miljard dollar.

Het was voor Amazon de eerste keer dat de bedrijfsresultaten niet werden gepresenteerd door Jeff Bezos. De Amazon-oprichter, miljardair en kersverse ruimtetoerist, draagt de leiding over het bedrijf vanaf dit kwartaal over aan Andy Jassy. Jassy gaf tot nu toe leiding aan AWS.

Andere bedrijven

De kwartaalcijfers van Amazon doen niet onder voor de cijfers die andere grote Amerikaanse techbedrijven eerder deze week presenteerden. Google boekte in het tweede kwartaal bijna een verdriedubbeling van zijn winst bij een omzet die 62 procent toenam. Het bedrijfsonderdeel Google Cloud krikte de verkoop 53 procent op, bij een ruime halvering van het kwartaalverlies.

Microsoft boekte 21 procent meer omzet en 47 procent meer winst. De omzet van de divisie Azure steeg zelfs ruim 50 procent. Bij Apple nam de omzet in het afgelopen kwartaal 36 procent toe, de winst zelfs 83 procent.

Read More

Insynq voegt zich bij jong fusiebedrijf SAP-partners

De drie SAP-partners die kortgeleden de krachten bundelden, voegen een vierde SAP-dienstverlener toe aan hun fusiebedrijf. Met Insynq uit Eindhoven ontstaat een van de grotere SAP-partnerorganisaties voor het mkb in de Benelux.

Afgelopen november fuseerden Serac en Xperi en in maart stapte ook Asecom in het jonge fusiebedrijf. Met Insynq erbij telt de samengestelde organisatie ruim tweehonderd SAP-specialisten. De nieuwe onderneming heeft ervaring op elk van de drie pijlers van de Duitse bedrijfssoftwareleverancier: SAP S/4Hana, SAP Business ByDesign en SAP Business One.

Het idee achter het samengaan van de SAP-partners is om klanten gedurende hun hele levenscyclus ondersteuning te bieden, ongeacht de bedrijfsgrootte en voorkeur voor een cloud, managed of hybride oplossing. Het kwartet bedient ongeveer zeshonderd klanten voor wie ze de diverse SAP-producten implementeren en eventueel in datacenters beheren. Dit gebeurt met diensten die de vier zelf hebben ontwikkeld voor de diverse markten waarin de klantorganisaties actief zijn.

Groeien in West-Europa

Bij de totstandkoming van het fusiebedrijf speelt Mentha Capital een belangrijke rol. Deze Amsterdamse investeringsmaatschappij springt financieel bij en helpt de bedrijven snel te groeien in West-Europa en nieuwe markten te betreden. Het is niet bekend welk aandeel Mentha in het fusiebedrijf heeft.

Insynq heeft zijn hoofdkantoor in Eindhoven, maar is ook gevestigd in Amsterdam, Apeldoorn, Den Bosch en Rotterdam. Er werken ongeveer vijftig mensen. De onderneming werkte al samen met Serac, Xperi en Asecom.

Hoewel het fusiebedrijf al ruim een half jaar bestaat, is er nog geen nieuwe naam gekozen. Volgens een woordvoerder wordt deze pas in oktober bekendgemaakt. In de directie van het bedrijf zitten mensen van van Serac, Asecom en Xperi. De financieel directeur is extern.

Read More

Besi ziet veel vraag uit it- en elektronica-industrie

BE Semiconductor Industries (Besi) profiteert volop mee van de enorme vraag naar chips. In het tweede kwartaal haalde de chipmachine-leverancier uit Duiven voor tweehonderd miljoen euro aan orders binnen, iets minder dan in het eerste kwartaal toen de klanten de deur plat liepen. Maar vergeleken met hetzelfde kwartaal van 2020 bedroeg de toename 97,6 procent.

De gestegen vraag naar machines kwam van bedrijven die actief zijn met high performance computing, cloudinfrastructuur, reguliere (mainstream) elektronica en auto-toepassingen. In het eerste kwartaal kwamen de orders vooral van mobiele telefoonfabrikanten. 

Richard Blickman, topman van Besi, constateert dat zijn bedrijf de productie met succes heeft opgevoerd om aan de enorm toegenomen vraag te voldoen. Tegelijkertijd kon men de kostenontwikkeling onder controle houden.

Besi dat assemblage-apparatuur voor de productie van chips maakt, ziet dan ook de omzet omhoog spuiten. De verkopen over het tweede kwartaal stegen tot 226,1 miljoen euro, 57,9 procent meer dan in het kwartaal daarvoor en liefst 81,9 procent meer dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder.

De omzet lag boven de verwachtingen, mede omdat de achterstand bij toeleveringen meeviel. Besi slaagde erin problemen in de bevoorradingsketen te beheersen. Ook gevolgen van restricties door de pandemie waren minder dan voorzien. De winst ging met respectievelijk 148,7 procent en 134,9 procent omhoog.

Read More

Manager heeft totaal eigen beeld van inclusie

Negen op de tien bedrijven heeft moeite met het in de praktijk brengen van inclusie en diversiteit binnen hun ict-afdeling. Schaarste op de arbeidsmarkt en de coronaperikelen remmen de aandacht voor dat onderwerp. Bovendien strookt het beeld van managers, die zaken goed voor elkaar denken te hebben, totaal niet met de perceptie van ict-medewerkers met bijvoorbeeld een migratie-achtergrond.

Dat blijkt uit onderzoek van Capgemini onder duizend deelnemers binnen vijfhonderd organisaties. Het gaat onder meer om 32 diepte-interviews met deskundigen uit de sector zoals academici, denktanks en afgevaardigden van startups en grote bedrijven.

De onderzoekers concluderen dat in de loop van de coronapandemie bedrijven onder grote druk komen te staan om technisch talent aan te trekken uit een kleiner wordende vijver. ‘Hierdoor is de aandacht voor diversiteit en inclusie verslapt. Er is een kloof ontstaan tussen de positieve perceptie van de leiding over inclusie in hun ict- en technologieteams en de realiteit die wordt ervaren door medewerkers met een migratieachtergrond en vrouwelijke medewerkers.’

Volgens het onderzoek gelooft 85 procent van de leidinggevenden dat hun organisaties gelijke kansen voor loopbaanontwikkeling en promoties bieden aan elke werknemer, terwijl slechts 19 procent van de vrouwen en werknemers met een migratieachtergrond het daarmee eens is. Die zogenoemde ‘perceptiekloof’ draagt bij aan een blijvend probleem op het gebied van diversiteit, kansengelijkheid en inclusie, concludeert Cap.

Kloof

Driekwart van de leidinggevenden gelooft dat vrouwen en medewerkers met een migratieachtergrond zich thuis voelen in hun organisaties, maar slechts een kwart (24 procent) van de medewerkers met een technische achtergrond is het daarmee eens.

De helft (53 procent) van de vrouwelijke werknemers en werknemers met een migratieachtergrond voelt zich op hun gemak bij het delen van persoonlijke ervaringen met andere werknemers en collega’s, terwijl slechts 9 procent van hen hetzelfde ‘comfortniveau’ voelt bij het delen van persoonlijke ervaringen met hun leidinggevenden.

Slechts 16 procent van de vrouwelijke werknemers en werknemers met een migratieachtergrond in de technologiesector is van mening dat zij goed vertegenwoordigd zijn in technologieteams. Verder blijkt dat in de onderzochte ict- en technologieteams slechts één op de vijf werknemers vrouw is en heeft één op de zes een migratieachtergrond.

Definitie van inclusie

Capgemini definieert diversiteit als de aanwezigheid van verschillen in een bepaalde omgeving of setting. ‘In de context van een technisch team of de werkplek verwijst het in het algemeen naar de aanwezigheid van personen met diverse achtergronden, waaronder (maar niet beperkt tot) geslachtsidentiteit, etniciteit (ras, religie, nationaliteit, enz.), sociaal-economische status, seksuele geaardheid, fysieke of mentale capaciteiten en leerstijl.’

Hoe inclusief is tech?

“De helft van de consumenten met een migratieachtergrond denkt dat ze voor online bankproducten minder krediet kregen “

Organisaties met een inclusief en divers samengesteld ict-team hebben volgens de onderzoekers vier keer meer kans om inclusieve producten en diensten te ontwerpen.

‘Consumenten krijgen te maken met discriminerende technologieën als gevolg van tekortschietende diversiteit en inclusie in technologieafdelingen van mondiale bedrijven. In de sector financiële dienstverlening bijvoorbeeld denkt gemiddeld 50 procent van de consumenten met een migratieachtergrond dat zij voor bepaalde bankproducten online minder krediet hebben gekregen, vergeleken met 28 procent van de klanten die niet tot deze groep behoorden’, schetst Cap.

In de gezondheidszorg meent 43 procent van de vrouwen en consumenten uit migrantengemeenschappen dat zij geen gezondheidszorgvoorzieningen te zien kregen in hoogwaardige locaties of in instellingen die zeer gespecialiseerde diensten aanbieden.

Als gevolg hiervan maken consumenten zich zorgen over discriminerende technologie en zijn zij zich steeds meer bewust van de manier waarop hun gegevens worden gebruikt en hoe dit negatieve gevolgen voor hen kan hebben. Zo zegt twee derde (66 procent) van de consumenten met een migratieachtergrond zich zorgen te maken dat hun persoonsgegevens kunnen worden gebruikt om hun kansen op de arbeidsmarkt negatief te beïnvloeden.

Tips om inclusie te bevorderen

Het adviesbedrijf deelt een aantal strategische tips om inclusie te bevorderen.

-Organisaties moeten een doeltreffende inclusiestrategie ontwikkelen, die verder gaat dan opleiding en bewustmaking op het hoogste niveau.

-Organisaties dienen verschillende processen, beleidslijnen en waardesystemen te implementeren die inclusie bevorderen. Dit omvat diversiteits- en anti-intimidatiebeleid en een duidelijk inclusiemandaat voor technologieteams.

-Technologieleiders moeten ervoor zorgen dat vrouwen en werknemers met een migratieachtergrond gelijke kansen krijgen op loopbaanontwikkeling, vooruitgang en inbreng in productontwikkeling, terwijl ze ook de technische en gegevensfundamenten moeten leggen om de resultaten op het gebied van inclusie te meten, controleren en verbeteren.

-Eerlijkheid in ai-systemen moet ook worden ingezet bij het controleren en corrigeren van door algoritmes veroorzaakte vooroordelen. Ten slotte moeten organisaties ervoor zorgen dat diverse gebruikers centraal staan bij het ontwerpen, ontwikkelen en inzetten van hun producten.

Read More

Vraag naar chips nog veel groter dan verwacht

ASML verwacht dat de schaarste aan reken- en geheugenchips nog zeker tot medio volgend jaar in volle hevigheid voortduurt. Pas over een jaar komt er enige verlichting, stelt ASML-topman Peter Wennink tijdens een toelichting op de tweede kwartaalcijfers.

Bij eindgebruikers stijgt de vraag naar reken- en geheugenchips nog veel sneller dan drie maanden geleden werd voorzien. Ook naar eenvoudige ‘standaard’ chips is zoveel vraag dat fabrikanten zelfs om minder geavanceerde chipmachines zitten te springen.

De ASML-baas ziet de vraag naar chipmachines die nodig zijn voor de productie van rekenchips, dit jaar met 35 procent toenemen. Een kwartaal geleden werd nog uitgegaan van 30 procent. Ook de vraag naar machines voor geheugenchips ontwikkelt zich sneller dan Wennink drie maanden geleden dacht. Hij verwacht nu een groei van 60 procent. Dat is tien procentpunten meer dan begin april werd voorspeld.

Peter Wennink zei gisteren tegenover analisten dat ook de vrij conventionele duv-chipmachines (deep ultra violet) momenteel niet zijn aan te slepen. Zelfs traditionele halfgeleiderfabrikanten die technisch niet in het voorste gelid zitten, schreeuwen om nieuwe chipmachines. Het zijn echt niet alleen de zeer geavanceerde EUV-lithografiesystemen (extreme ultra violet straling) die momenteel erg in trek zijn. Onverwacht groot is ook de vraag naar software waarmee afnemers nog meer chips uit hun bestaande machines kunnen persen.

Wennink kondigde dan ook aan de productiecapaciteit van de meer klassieke duv-chipmachines flink te vergroten. Hij noemde geen percentage, maar het zal in ieder geval meer dan 10 procent zijn. Eind september worden nadere plannen bekend gemaakt. De uitbreiding van duv vergt minder tijd dan van het technisch uiterst complexe EUV. Duv is nog altijd het ‘werkpaard’ van de halfgeleiderindustrie, stelt ASML.

Verkeersopstopping

Wennink benadrukte dat niet alle afnemers behoefte hebben aan high end chips van 5nm of 7nm. Het is niet allemaal geavanceerde ‘logic’ wat de klok slaat. De topman ziet ook veel vraag naar wat hij noemt ‘volwassen rekenchips’. De meeste fabrikanten hebben gewoon rekenkracht nodig, bijvoorbeeld om de sensor te ondersteunen. Veel detectie vindt plaats in gedistribueerde systemen. Dat kan een auto zijn, een industriële machine, een huishoudelijk apparaat of de pc thuis die aan je werkgever is gekoppeld. In opmars ook zijn gedistribueerde systemen die worden ondersteund door 5G. Ook het internet of things vraagt om ‘volwassen logic’ die minder geavanceerd is.

Hij vergelijkt het tekort dat ontstond tijdens de pandemie, met een verkeersopstopping. Het kost tijd voordat zo’n file is opgelost en iedereen weer normaal kan rijden. De hele bevoorradingsketen kan zich niet meteen aanpassen aan de enorme stijging van de vraag naar halfgeleiders. Ook ASML is als chipmachinebouwer afhankelijk van toeleveranciers. 

Stapsgewijs

Uitbreiding van de productie gaat in drie stappen. De eerste stap is dingen sneller te doen. Door reductie van de cyclustijd kan de bestaande productiecapaciteit efficiënter worden benut. Het duurt doorgaans zes tot twaalf maanden om de tijd te bekorten die het duurt om een chipmachine te maken. 

Bij de eerste tekenen van schaarste is de verdere stroomlijning van de productie extra versneld. Bovendien werden alle reserve voorraden van onderdelen aangesproken. Vrijwel alles wat ASML nog kon vinden, is thans opgesoupeerd. De voorraadniveaus liggen momenteel op een minimum niveau, aldus Wennink. 

Door alle zeilen bij te zetten kon de omzet in het tweede kwartaal worden verhoogd van 3,3 miljard euro naar 4 miljard euro. Voor het derde kwartaal kan ASML niet meer uit voorraden putten die ‘achter op zolder liggen’. 

Nieuwe fabriekshallen

De tweede stap is op dezelfde vierkante meters meer mensen en meer machines toe te voegen. Hierdoor valt nog meer uit de bestaande fabrieken te halen. Volgens Wennink duurt het 12 tot 18 maanden voordat dit zijn effect gaat krijgen. In de tweede helft van 2022 wordt deze uitbreiding zichtbaar. Het kost namelijk tijd voordat nieuw ingehuurde werknemers zijn ingewerkt. Ook met het installeren van meer machines ben je er nog niet. Het kost tijd om deze in te passen. 

De derde en laatste stap is nieuwe fabriekshallen neer te zetten. Dat duurt al gauw drie jaar. Pas in 2023/2024 is effect te verwachten van een uitbreiding van het vloeroppervlakte. Over deze expansie voert ASML overleg met haar belangrijkste productiepartners, de Duitse optiekleverancier Zeiss en machinebouwer Trumpf. 

Read More

Spoelstra Spreekt: Wat ben je aan het typen?

En ook de tweede prik zit erin. Gelukkig maar want we gaan naar Frankrijk op vakantie en de wifi is daar altijd, en nu citeer ik mijn beide kinderen, ’enorm ruk’. Maar met die tweede vaccinatie schijn je zelfs via 6G te kunnen werken. En nu ben ik geen aanhanger van complottheorieën maar het is wel heel opvallend dat sinds we vaccineren er een chiptekort is.

Overigens heb ik me bij de tweede vaccinatie wel weer op zitten winden. Bij de intake werd mijn paspoort en mijn naam gevraagd en vervolgens begon de man achter de balie allemaal dingen over mij in te typen op zijn laptop. Ik dacht, wat ben je nou aan het tikken? Je weet mijn naam, je hebt mijn paspoort gecontroleerd dus doorlopen en prikken maar. Het is mijn tweede prik. Je hebt al mijn gegevens. Sterker nog, je hebt me zelf uitgenodigd.

Superirritant

Jacob Spoelstra

Jacob Spoelstra is columnist en stand-upcomedian. Kijk voor meer informatie op www.jacobspoelstra.nl.

En normaal gesproken zou ik het niet zo erg vinden maar alles wat hij aan het intikken was, zette hij in een systeem van de GGD dus de kans dat deze gegevens worden gelekt zijn zo goed als bijna 100 procent. Sterker nog, op het moment dat hij mijn gegevens aan het intypen was, werd het waarschijnlijk al aangeboden op Marktplaats.nl.

Superirritant als er iemand met een laptop voor je zit die van alles aan het intypen is en jij weet niet wat hij aan het typen is. Alsof je een tolk bij je hebt die hele verhalen voor jou aan het vertalen is aan iemand anders terwijl jij hebt alleen maar ja gezegd. 

Niet meer boos

Toen de man was uitgetypt kon ik doorlopen en kreeg ik de tweede prik. En ik weet niet wat het was maar na de prik was ik ineens niet meer boos op de GGD, kreeg ik enorm de neiging lid te worden van de VVD en heb ik uiteraard direct een extra Windows-licentie aangeschaft.

Read More

Jonge bedrijven harken miljarden binnen

Nederlandse startups en scale-ups hebben in het eerste halfjaar van 2021 bijna drie miljard euro aan durfkapitaal opgehaald. Een exponentiële groei want in de eerste zes maanden van vorig jaar ging het om ‘slechts’ circa vijfhonderd miljoen euro. Toch vindt Techleap dat te weinig startups doorgroeien tot scale-ups.

Dat blijkt uit een kwartaaloverzicht, samengesteld door de Dutch Startup Association (DSA) en startup-aanjager Techleap. Daarbij valt wel de kanttekening te plaatsen dat deze forse groei vooral te danken is aan een paar grote investeringsrondes van een aantal techbedrijven, waaronder Mollie (665 miljoen, betalingsverwerking), Messagebird (800 miljoen euro, zakelijke communicatie), Bunq (193 miljoen, online bank) en Lumicks (93 miljoen euro, medische meetinstrumenten). Waarbij bovendien Mollie (opgericht in 2004), Messagebird (opgericht in 2011) en Bunq (opgericht in 2012) de status van scale-ups eigenlijk zijn ontgroeid. 

Volgens de samenstellers zijn Nederlandse scale-ups voor de grote rondes vooral in trek bij buitenlandse investeerders. Dit soort investeringsrondes zijn nog moeilijk te realiseren in het daarvoor te beperkte Nederlandse ecosysteem. Nadeel is dat door het grote aandeel aan buitenlandse investeringen veel van de winst wegvloeit naar het buitenland.

De eerste terughoudendheid die kort na de uitbraak van de pandemie onder durfkapitalisten leefde, herstelde in 2020 grotendeels al, vooral door grotere investeringsrondes. In 2021 is er een stijging over de gehele linie te zien. Zo kregen ook meer startups in hun vroege fase ondersteuning van investeerders. 

Te weinig scale-ups

Maurice van Tilburg, algemeen directeur Techleap.nl, is ondanks het record van bijna drie miljard euro niet helemaal tevreden. ‘Hoewel Nederland een van de snelst groeiende Europese landen is, bevinden we ons in stevige concurrentie met de landen om ons heen die niet alleen groeien, maar ook in regelgeving blijven voorlopen. Er groeien in Nederland daardoor nog steeds veel te weinig startups door tot scale-ups’, vindt hij.

Van Tilburg pleit voor een aantal maatregelen, zoals het aantrekkelijker maken van aandelenopties voor medewerkers en regelingen voor een lokaal fiscaal aantrekkelijker investeringsklimaat.

Een groot deel van de startups en scale-ups komt uit de ict-sector. Ook daar is het beeld te zien dat er steeds meer investeerders instappen. Computable en financieel adviesbureau houden hier al jarenlang de vinger aan ‘kwartaal’pols.

Read More

Sogeti is uitblinker in ITX Monitor van Giarte

Van de grote internationale zakelijke ict-dienstverleners behaalt Sogeti in Nederland de hoogste fanscore. Liefst 90 procent van zijn klanten zou dit bedrijf aanbevelen aan anderen. Bij de middelgrote en kleinere Nederlandse dienstverleners blinken Interxion, BPSolutions, Netrom, Levi9 en Schuberg Philis uit. Dit blijkt uit de IT Xperience (ITX) Monitor 2021 van marktvorser Giarte.

Giarte meet jaarlijks hoe klanten de dienstverlening van Nederlandse ict-dienstverleners beleven. De score van Sogeti ligt ruim boven die van grote internationale concurrenten als Accenture (75 procent), Capgemini (71), T-Systems (70), Cegeka (69), Atos (56), DXC (47) en Fujitsu (38).

Als we alle bedrijven van klein tot groot in ogenschouw nemen, zijn de hoogste podiumplaatsen dit jaar voor Interxion en het kleine BPSolutions. Beide bedrijven werden door al hun klanten die aan het onderzoek deelnamen, aanbevolen. Kanttekening daarbij is dat indien slechts weinig klanten aan het onderzoek meedoen, een hoge of zeer hoge gemiddelde score eenvoudig mogelijk is. De tweede plek gaat naar Netrom (96 procent), dat al zijn it-werk uitvoert vanuit Roemenië.

Ook de nummer drie, Levi9 (93 procent), levert het it-werk vanuit het voormalige Oostblok. Deze dienstverlener zit in Servië, Oekraïne en Roemenië. Hoge waarderingen zijn er dit jaar verder voor Schuberg Philis (92 procent), Ilionx (90), Intermax (89), Valid (88), Korten (87) en Proserve (80).

Hekkensluiter

“Jaarboek vermeldt alleen resultaten van it-bedrijven die wilden worden meegenomen”

Hekkensluiter qua fanscore is Fujitsu. 38 procent van de klanten beveelt de Japanse dienstverlener aan. Ook Solvinity en DXC bleven onder de 50 procent.

Vorig jaar bungelden Centric en CGI onderaan de benchmark. Deze bedrijven bleven ditmaal buiten de publicatie. Volgens Giarte mag het belang van een schare fans niet worden onderschat. Zij dienen als de beste referenten, zorgen vaak voor up- en cross-sell en hebben vaak ook de intentie om het contract te verlengen.

Giarte deed ook metingen naar de tevredenheid van software services. De top vijf bestaat uit Schuberg Philis, Ilionx, Levi9, NetRom en Endava. Bij de managed services providers loopt BPSolutions voorop, gevolgd door Proserve, Schuberg Philis, Proact en Intermax.

Bij technisch applicatiebeheer is de volgorde BPSolutions, Schuberg Philis, Levi9, DXC en Endava. Werkpleksupport in goede handen bij Proact, Conclusion, Ilionx, OGD en Korton. Bij werkplekmanagement is de volgorde Proact, OGD, Korton, Valid en Conclusion.

Hausse

De top 5 bij managed infrastructure bestaat uit BPSolutions, Schuberg Philis, Proserve, Ilionx en Conclusion. Door grootschalig thuiswerken maakt de markt voor security management een hausse door. Hoge ogen scoren Schuberg Philis, Intermax, Ilionx, Proact en OGD.

Als laatste de score voor customer delight, een gemiddelde van de elementen vertrouwen, verwachtingen en aanbevelingen: BPSolutions draagt hier het vaandel, gevolgd door Interxion, Schuberg Philis, NetRom en Levi9.

Klantrelatie

Het jaarlijkse ITX-onderzoek richt zich op de relatie die it-dienstverleners met hun klant hebben. De resultaten worden volledig bepaald door de respondenten. Betrokken managers moeten nauw zijn betrokken bij het afnemen van it-diensten dan wel -producten. Om bij de monitor worden betrokken, moeten it-dienstverleners door minimaal tien respondenten uit tien verschillende organisaties te worden beoordeeld.

Alleen van it-bedrijven die in de monitor wilden worden meegenomen, zijn de resultaten in het jaarboek opgenomen. Daardoor ontbreekt een aantal bekende namen.

Read More

Bedrijf onderschat cyberrisico’s ketenpartners

Security-incidenten bij leveranciers en aanvallen op de software van partners vormen vaak een groot risico voor de eigen organisatie. Toch ziet maar één op de vijf bedrijven de mogelijke impact van die cyberrisico’s in. Dat is de uitkomst van de Ordina Digital Monitor 2021.

Onderzoeksbureau Markteffect ondervroeg voor de Ordina Digital Monitor 2021 ruim twaalfhonderd ict-besluitvormers uit Nederland. Het onderzoek spitste zich dit jaar specifiek toe op cybersecurity.

Slechts één op de vijf ict-besluitvormers (22 procent) schat de risico’s op een hack of datalek door leveranciers en software als ‘groot’ of ‘zeer groot’ in. Specialist in de beveiliging van bedrijfsinformatie, Vincent Meijer, noemt dat een ‘verontrustend laag percentage’. Hij licht toe dat hacks en datalekken ‘helaas’ dagelijkse kost zijn.

‘Organisaties richten zich steeds vaker modulair in om op de wensen en behoeften van de markt in te spelen. Zij worden zo afhankelijker van allerlei softwareoplossingen van verschillende leveranciers, die integraal onderdeel zijn van de keten. Die ketens worden groter, complexer en daarmee ook kwetsbaarder’, aldus de expert van Ordina.

Kaseya en Solarwinds

“Bijna de helft geeft aan dat er onvoldoende wordt gedaan om cyberrisico’s in de keten te beperken “

Meijer wijst er op dat door de onderlinge verbondenheid het risico ontstaat om elkaar, in het geval van een incident, te besmetten. ‘Organisaties moeten die risico’s niet onderschatten, want de gevolgen zijn groot’, aldus Meijer, die recente voorbeelden noemt zoals de wereldwijde ransomeware-aanval op Kaseya en de hack bij SolarWinds. ‘Die tonen dat een zwakheid bij één leverancier grote problemen creëert bij vele organisaties in zowel de publieke als private sector.’

Zeven op de tien organisaties (71 procent) vinden dat cybersecurity de verantwoordelijkheid van de organisatie zelf is. Tegelijkertijd geeft bijna de helft van de ict-besluitvormers (48 procent) aan dat er in hun organisatie onvoldoende of geen actie ondernomen wordt om de cyberrisico’s door leveranciers en software tot een minimum te beperken.

Meijer adviseert dringend om als organisatie integraal naar cybersecurity te kijken. ‘Dus niet alleen naar de techniek, maar ook naar de processen en de mens. Daarbij mogen de betrokken externe partijen niet vergeten worden. Dat zijn er in bepaalde ketens al snel tientallen tot honderden. Verantwoordelijkheden zijn dan vaak niet meer helder en de regie is moeilijk te houden.’

Rol voor overheid?

Hij ziet hier een belangrijke rol voor de overheid weggelegd. Niet alleen voor strengere wet- en regelgeving, maar ook om bewustwording te creëren en een helpende hand te bieden aan organisaties.

Dat de overheid een rol in cybersecurity en informatiebeveiliging moet spelen, beaamt ook 95 procent van de respondenten. Bijna de helft (44 procent) geeft aan dat de rol van de overheid op dit moment te klein is. Drie kwart vindt de groeiende rol van de overheid op het gebied van wet- en regelgeving vanuit de Europese Unie een positieve ontwikkeling.

Overige uitkomsten

Een flinke meerderheid van de ict-besluitvormers (57 procent) verwacht dat het budget voor cybersecurity de komende jaren gelijk blijft in hun organisatie. Slechts vier op de tien geven aan dat hier meer budget voor vrijgemaakt gaat worden.

Ondanks dat ict-besluitvormers aangeven dat er onvoldoende wordt geïnvesteerd in cybersecurity en er onvoldoende actie wordt ondernomen om de risico’s te beperken, beweert 85 procent goed voorbereid te zijn op een hack of datalek. Bij ruim zes op de tien organisaties zijn draaiboeken aanwezig.

Meijer ziet dat wanneer een organisatie daadwerkelijk gehackt wordt, lang niet iedereen weet wat hij moet doen. ‘Dit komt ook omdat de aanwezige draaiboeken vaak niet gecheckt of geoefend worden.’ Meer aandacht voor bewustwording van risico’s en een hoger kennisniveau om ook het gedrag van mensen te veranderen, zijn volgens hem belangrijk om de organisatie wendbaarder en weerbaarder te maken. Hij roept op om in trainingen en simulaties van incidenten ook de rolverdeling met ketenpartners mee te nemen. 

Read More